De spoorontsluiting van de Kempen staat al bijna een halve eeuw onafgebroken op de politieke agenda. Om een beetje schot in de zaak te krijgen werd een vijftiental jaar geleden in de schoot van het ACV de ‘Werkgroep Spoor’ opgericht. “Die werkgroep heeft al veel kunnen verwezenlijken, mede dankzij de inzet van Servais Verherstraeten, zegt Wieter Mariën van de werkgroep. “Maar ons werk is nog niet af. Ik hoop dat over een jaar of vijf alles gerealiseerd is wat we in onze agenda hadden gezet. Dan kunnen we de werkgroep ontbinden. Dat zou het ideale scenario zijn: alles gerealiseerd hebben wat je wilde, en jezelf overbodig gemaakt hebben.

Er zal nog heel veel water naar de zee vloeien voor het zo ver is. “Dat heb je nu eenmaal met de NMBS,” weet Servais Verherstraeten: “Alles heeft zijn tijd nodig.” In de jaren ‘70 werd de Kempen écht nog beschouwd als een buitengebied. Neem daar nog bij dat de overheid 40 en 50 jaar geleden de spoorinvesteringen in het algemeen al afbouwde, en dan krijg je een idee van hoe erbarmelijk slecht de Kempen in die tijd bedeeld werd. Binnen het ACV en ACW klonk er toen al protest. Zij waren hun tijd ver vooruit. Nu heeft iedereen de mond vol van de nood aan een beter openbaar vervoer en sinds de klimaatbetogingen is het ook bon ton om voor investeringen in het spoor te zijn, maar het is ooit anders geweest. Ik zal nooit vergeten dat ik in ’95 in het parlement kwam en lachwekkend omschreven werd als ‘de man die met de treintjes speelt’, omdat ik maar bleef hameren op een betere ontsluiting van de Kempen.”

De juiste mensen

De Werkgroep Spoor wist op korte tijd veel te realiseren. Dat is geen toeval. “Die ploeg bestaat uit de juiste mensen,” zegt Wieter Mariën. “Er zitten 7 of 8 vakbondsmensen van de NMBS in, ACV-militanten. Die hebben de beste contacten met personeelsleden, zelfs tot op het allerhoogste niveau.” “Dat helpt ons enorm vooruit,” beaamt Servais Verherstraeten. “We kennen het ‘bedrijf’ NMBS van binnenuit. We weten wat er leeft en wat er speelt. Als buitenstaander zou het onmogelijk zijn om daar een goed zicht op te hebben, want je moet weten dat de NMBS een huis is met heel veel kamers. Het is niet de meest overzichtelijke en strak gestructureerde organisatie. Met alle gevolgen van dien. Door goeie contacten te hebben, hebben we de vinger altijd aan de pols kunnen houden. Ik hoef je niet te vertellen dat het als parlementslid enorm plezierig is om een groep achter je te hebben die je altijd op de hoogte houdt van de laatste stand van zaken. Daarbij komt nog dat het netwerk van de werkgroep al snel mijn netwerk werd. Ik leerde de topmensen van het spoor persoonlijk kennen, wat mijn werk als nog vergemakkelijkte.”

Beginnen van nul

De Werkgroep Spoor werd niet zomaar opgericht. Er was hoge nood aan een adequaat middel en een efficiënte manier om de Kempen op de agenda te krijgen in Brussel. “De ontsluiting van de Kempen was regelmatig al wel eens op de agenda gezet,” herinnert Verherstraeten zich. “Maar van afdoende maatregelen kwam zelden iets in huis. Vaak werden er enkel wat vage beloftes gedaan. Dat is zeker veranderd sinds de Werkgroep Spoor er is. Die blijft consequent en onophoudelijk op dezelfde nagel kloppen. Die nooit aflatende inzet is nodig om dingen in beweging te krijgen.” Wat de grootste problemen waren waar de Kempen mee te maken kregen? “De treinen die in de Kempen reden, werden vanaf Herentals getrokken door diesellocomotieven. De elektrificatie begon in de richting van Antwerpen pas in Herentals. Daardoor was de Kempen een soort eiland. Want in Brussel konden dieseltreinen zelfs niet meer rijden. Het eerste wat hier moest gebeuren, was de elektrificatie van het volledige net. Daarnaast konden tal van stationsgebouwen een opknapbeurt gebruiken. Denk maar aan Mol: de fietsenstalling, de overkapping van de perrons, de tunnel en de parking…”

Nog minstens 5 jaar

“Klopt. Ook op het vlak van de elektrificatie is er al veel werk geleverd,” zegt Wieter Mariën. “De elektrische lijn is al doorgetrokken tot in Mol. Aan de stukken naar de richtingen Hamont en Hasselt wordt nog gewerkt. De richting Hamont moet binnen de 2 jaar voltooid zijn; de richting Hasselt iets later. Da’s ten vroegste iets voor 2022.” Als de elektrificatie rond is, krijgt het treinverkeer in de Zuiderkempen zeker een boost. Want dan kunnen we modernere en langere treinen krijgen, minder overstapplaatsen, betere aansluitingen, stiptere rijtijden." 

Maar zelfs als de volledige elektrificatie van het een feit is, is het werk nog niet helemaal klaar. “Er staan nog wel wat punten op de to do-lijst,” zegt Verherstraeten. “We willen nog dat er een aansluiting komt met Nederland. Vanuit Hamont naar Weert is dat het gemakkelijkst. Vandaar kan je Eindhoven snel bereiken. Verder verdienen Kempense studenten ook een betere verbinding naar Leuven en in de zomer zouden er vanuit onze regio toeristentreinen naar de kust moeten zijn.”

“Reken nog maar op minstens 5 jaar voor dat allemaal verwezenlijkt is,” zegt Mariën. “En als het eindelijk zo ver is, kunnen we de werkgroep opheffen wegens overbodig. Dat is het ultieme doel.”

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.